Header image fr de uk
Miniatuur Spoorweg Club Mechelen  
De Pijl wenst u een aangenaam bezoek aan onze website.
 
 
 
 
 
 
 
  De avonturen van een spoor 0-ler
 

 

De bouw van een locomotief van het Panier type! Of voor de kenners: een Class 57xx van de GWR.

1

Zoals bekend werden tijdens ons roemrucht exploot te Leest enkele mensen zwaar geïnfecteerd door het 0-virus.

Er werd besloten: weg met het dozen kopen. Dus zelfbouw!, creativiteit! en … afzien, maar dat laatste wisten we toen nog niet.

René en ikzelf kochten “om te beginnen” ieder een bouwdoos uit het “Mega-kits” gamma van het bekende huis “The Home of O-Gauge” en nog wel “budget” kits, de goedkopere variante dus.

Bij navraag bij Engelse collega’s blijkt dat de kwaliteit van deze kits niet al te bijzonder is, het zijn zeer oude ontwerpen, waarbij er nooit aan gedacht werd om fouten te verwijderen.

Maar niet getreurd en aan de slag! De bouwbeschrijving bestaat uit anderhalve A4 pagina tekst, niet vet dus. Wat betekend dat er tijdens de bouw veel geïmproviseerd moet worden, en soms moet er zelfs volledig opnieuw begonnen worden. Gelukkig konden we een schaaltekening en wat foto’s op de kop tikken. Bij een bezoekje aan het Didcot Railway Center kon ik wat detailfoto’s maken van een soortgelijke loc. Uit deze foto’s blijkt dat de kit dus inderdaad “budget” is: verschillende details ontbreken.

O.a.:

  • de volledige nabootsing van de bladveren onder het chassis
  • de volledige vuurkist, onder het chassis
  • de achterste zandkisten
  • de ringen rond de voorste en achterste vensters
  • de bedienstangen van de zandstrooiers vooraan
  • de details op het dak (verluchting)
  • de treden naast de rookkastdeur
  • de afwerking van de bodem in het machinistenhuis
  • de drijfstangen tussen de chassisplaten
  • de hefogen van de watertanks
  • steunprofielen onder de watertanks
  • en ga zo maar door

2

Het uittrekken der haren en fronsen der wenkbrauwen begon al snel bij het bekijken van de verschillende etsplaten. Het chassis wordt geleverd in de vorm van een vlakke plaat van 18 thou dik (oftewel 18 duizendste van een duim, ca. 0,45 mm dus) . Deze plaat moet in een omgekeerde U geplooid worden. Eens het chassis geplooid blijkt dit in het verticale vlak zo buigzaam te zijn als een Lambadadanser in topvorm. Dit gaf me niet veel vertrouwen en toevallig zag ik op de Guild Spring Convention te Reading (een soort grote handelsbeurs voor 0’ers) een chassis met gefreesde zijplaten van 1,5 mm dikte en volle afstandshouders uit vierkantprofiel, kompleet met asbussen, stroomafnemers en drijfstangen. Een stabiel geheel, misschien niet op schaal wat de dikte betreft maar in elk geval een kloeke constructie. Zie foto boven.

Tijd om te beginnen aan de opbouw van de loc. De volgende hindernis die hiervoor moest genomen worden was het vormen van de x klinknagels (rivetten dus). Bij mijn loc (Class 57xx) waren, in tegenstelling tot de loc van René (Class 633), de klinknagels niet aangeduid door halve etsingen, veel moest dus aan de hand van foto’s en tekeningen geïmproviseerd worden. De gebruiksaanwijzing stelt voor de klinknagels met een botte punt vanuit de onderzijde van de messingplaat door te diepen. Nou moe, simpel gezegd maar het resultaat was niet om aan te zien. Blijkbaar moet men kunnen werken met een gelijkmatige kracht en moet men ook oog hebben voor de onderlinge afstand (pas) en de rechtlijnigheid. Zo had ik dus de voetplaat en de voorste bufferbalk verprutst. Dan maar eerst wat nadenken en zoeken naar een mogelijke oplossing. Maar eerst nog even vlug een nieuwe voetplaat opmeten, aftekenen en uitzagen uit een messingplaat.

Ik herinnerde me dat ik jaren geleden eens een kruistafel gekocht had die in combinatie met  een forse boorkolom moest dienen om klein freeswerk uit te voeren. Het ding was de laatste jaren wat in onbruik geraakt en stond wat doelloos in het atelier van de club. Ik heb ze dan maar terug mee naar huis genomen. De kruistafel maakt het mogelijk op het doordiepgereedschap (de eerder vermelde botte punt) volgens een nauwkeurige pas te positioneren. Een aanslag op de boorkolom (niet van terroristische aard) zorgt ervoor dat alle klinknagels even ver doorgediept worden.

Voor het maken van de vuurkist onder het chassis waren geen details beschikbaar. Aan de hand van een globale tekening heb ik twee rijen klinknagels aangebracht op een vlakke messingplaat die ik vervolgens volgens de zijvlakken van een kubus gebogen heb. Het geheel werd tussen de chassisplaten gesoldeerd.

De verdere afwerking van de locomotiefkap is relatief goed verlopen. Het moeilijkste was het vormen van de watertanks.

De etsingen voor de remblokken met houders waren niet om aan te zien, van de in totaal zes exemplaren waren er geen twee identieke. Dan maar een fax naar ‘The Home of 0-Gauge’ met de vraag of er betere exemplaren bestaan, bij voorkeur in witmetaal of in messinggietwerk. Twee dagen later vond ik een pakje in de post met de gevraagde onderdelen. Quite a good service.

Al bij al is mijn eerste experiment in zelfbouw van tractiemateriaal in spoor 0 relatief positief verlopen. GWR N° 5764 heeft al heel wat smiles op de “Chinnor and Princes Risborough” lijn gereden. Bij mooi weer moet hij nog wel een groen jasje krijgen.

Ik heb nu de smaak goed te pakken zo te zien: de loc 633 van René is ondertussen ook afgewerkt en een loc van de serie 844 van de GWR ligt te wachten op samenbouw. Dit is een kit van professionele kwaliteit en ik hoop dan ook dat deze vanzelf in mekaar valt wanneer ik de inhoud van de doos op mijn werkbank uitschud.

Jan Coeckelbergh

 

 

 
Nieuws
 
 
    Laatste aanpassing: 18.07.11
Webdesign: cmp@telenet.be
    Copyright 2009 MSCM De Pijl.
All rights reserved.